Football Manager 2016, Gidsen, Tactiek, Tactiekgidsen FM16

Hoekschoppen: aanvallen en verdedigen

VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 0.0/5 (0 votes cast)

Afgelopen week is het van start gegaan, de wedstrijd waar ieder tactisch brein op zat te wachten: MU Master Tactician. Onder leiding van onze submod strategieënboek en schrijver van het blog Strikerless Nom de Guerre gaan de leden van ons forum de strijd met elkaar aan. Wie mag zich gaan kronen tot het tactische genie van MU? Jij kan het hier allemaal volgen!

De opdracht in de eerste week had, zoals de titel van dit artikel al heeft verraden, te maken met de tactische instellingen van hoekschoppen. De deelnemers werden gevraagd om zowel een aanvallende als een verdedigende instelling voor de hoekschoppen te ontwerpen. Hieronder zullen we de drie beste aanvallende en drie beste verdedigende instellingen behandelen. Opvallend genoeg komen deze zes instellingen (drie aanvallend en drie verdedigend) allemaal van andere users.

We zullen starten op aanvallend gebied. Hier was er één instelling die duidelijk de overwinning wist te grijpen. Dit is de cornerinstelling van r4vje, schrijver van het blog The FMVeteran. Hij schreef het volgende als motivatie bij zijn instelling:

“Aanvallende hoekschoppen hebben natuurlijk als doel om gevaar te stichten. Waar er in de vorige edities nog exploits waren, lijken die tot nu toe nog niet gevonden te zijn. Wel viel het mij op dat ik diverse keren op de counter gepakt werd na een “slechte” hoekschop van mijn team. Hierdoor heb ik besloten om van mijn aanvallende hoekschop ook deels een verdedigende te maken. Wat is nu precies de bedoeling? Ik houd standaard vier man achterin, zodat wij bij een afvallende bal geen doelpunt uit een counter om de oren krijgen. Dus heb ik besloten om slechts drie man in de zestien van de tegenstander te zetten. De bedoeling van dit trio is om de tegenstander bezig te houden en weg te lokken bij de eerste paal. De persoon die de corner neemt heeft de opdracht om deze richting de penaltystip te spelen.

Doordat wij weinig bezetting hebben zal de bal vaak via de tegenstander uit de zestien worden gewerkt. Daar staan de twee sleutelspelers van deze cornervariant. Deze twee spelers moeten beschikken over een goed afstandsschot en tevens moeten zij ook technisch goed onderlegd zijn. Op het moment dat er een afvallende bal komt, moeten zij namelijk de bal ineens op de pantoffel nemen en op doel vlammen. Doordat er bij de eerste paal nauwelijks iemand nog is vliegt de bal er vaak in. Tot nu toe heeft het mij al diverse keren een schitterend doelpunt opgeleverd. Ook komt het vaak voor dat wij de bal na de hoekschop snel weer veroveren en via een voorzet alsnog weten te scoren.”

De andere twee cornerinstellingen eindigden zo goed als gelijk. Deze instellingen zijn van Bokke en Vuurtjih. We zullen starten met de instelling van Bokke. De opstelling die hij gebruikt lijkt voor een deel op die van r4vje hierboven. Hij omschreef zijn instelling als volgt:

“De makkelijkste keuze is wie de corner zal nemen: dit is eenvoudigweg de speler met de beste traptechniek die niet voor gevaar kan zorgen in de vijandelijke zestien. Voor de rest hou ik zeker één speler achterin. De beste keuze hiervoor heeft niet de lengte om te gaan koppen maar daarnaast is hij ook een zeer snelle speler. Verder zijn er nog twee spelers die ook achterin blijven als er aanvallers van de tegenstander vooraan zouden blijven. Weer zijn snelle spelers die in de lucht weinig in de melk te brokkelen hebben de beste keuze. Als er drie spelers van de tegenstander vooraan zouden blijven, dan staan we weliswaar man-tegen-man, maar dat is het risico dat we nemen. We hebben namelijk mannetjes genoeg nodig voorin om alle posities goed te kunnen bezetten.

De corners geven we naar de tweede paal. Hier staat onze grootste man en tevens een goede kopper. Om het gevaar van de uitkomende doelman te neutraliseren staat ook een beer van een vent de doelman af te dekken. Een middenvelder staat buiten de zestien opgesteld en komt de bal aanvallen waardoor de verdediging in twee richtingen moet kijken. Een willekeurige speler staat om verwarring te zaaien bij de eerste paal opgesteld en hij zal vooral attent moeten zijn op de rebound, aangezien hij de bal in de meeste gevallen over zich heen zal zien gaan. Buiten de zestien staat dan nog een extra speler opgesteld die een zwakke kopper is. Hij moet de afvallende bal aanvallen en eventueel met zijn goede afstandsschot tot een doelpunt komen. Als laatste staat er nog een grote speler en sterke kopper in de zestien opgesteld om de bal vanuit zijn gekozen ruimte aan te kunnen vallen.”

Vuurtjih hield zijn omschrijving een stuk sumierder. Hij schreef het volgende om vervolgens alleen nog een screen van de opstelling toe te voegen: “De eerste paal is mijn favoriete van de twee, hierom gaan alle ballen in deze richting. De beste kopper krijgt hem als eerste, die mag hem óf doorkoppen óf in de goal koppen. Mij om het even. De bal hoeft van mij niet meteen na de corner erin te vliegen, uit het tumult dat ontstaat scoren telt ook voor één goal.”

Daarmee hebben we de drie aanvallende varianten gehad. Het is nu dus tijd voor de andere kant: het verdedigen. Zoals gezegd eindigden hier drie instellingen gedeeld als eerste. We beginnen met de instelling van JanVertonghen’. Hij gaf de volgende uitleg bij zijn instelling:

“Een speler wordt gebruikt om de hoek af te dekken. Optimaal voor deze positie is een speler die niet behoort bij je beste koppers, maar die desondanks niet al te klein is, de bal snel kan veroveren en vervolgens ook in staat is een goede pass te geven. De tegenstanders zullen dit ook zien en daarom zullen ze er zeer waarschijnlijk voor kiezen om de bal voor de pot te slingeren.

Voor diezelfde pot staan echter zes grote kerels van te wachten om de bal weg te werken. Ook op de doellijn staan er nog twee: de doelman staat op zijn post en de eerste paal wordt afgedekt door een mindere kopper. Vier mannen zullen het doelgebied af gaan dekken. Vooraan deze vier staat de minste kopper van dit stel en dus de bal weg kan werken voordat deze echt in een gevaarlijk gebied komt. Deze mindere kopper wordt gevolgd door de beste kopper en nog een tweetal sterke koppers. Ik heb hiervoor gekozen omdat bij de tweede paal niemand staat en deze laatste twee spelers van deze groep van vier ervoor moeten zorgen dat er hier niet binnen gekopt kan worden. De twee beste koppers mogen de twee beste koppers van de tegenstander dekken.

Nu het verdedigende deel georganiseerd is, hebben we nog twee spelers over. Dit zijn verre van goede koppers, maar wel erg goede counterspelers. Eentje staat op de rand van het strafschopgebied, zodat hij de afvallende bal op kan pikken en zo snel mogelijk een counter op gang kan zetten. Voorin staat de laatste speler te wachten, die ervoor zorgt dat er minimaal twee man van de tegenstander achterin moeten blijven om hem te dekken. Beiden zijn het bij voorkeur tweebenig en beiden hebben ze een erg goed afstandsschot, waardoor counters uit verdedigende corners erg gevaarlijk kunnen worden.”

De tweede instelling is van de hand van Rossini’. Hij hield de beschrijving wat beknopter, maar dit maakte zijn manier van verdedigend organiseren er niet minder op. Het volgende had hij over zijn manier van corners verdedigen te zeggen: “In het huidige voetbal is zonedekking heel belangrijk geworden, al is mandekking soms ook nog zeer handig. Daarom heb ik voor een mix tussen beiden gekozen en hoop zo de gulden middenweg te hebben gevonden. Twee mannetjes blijven voorin om te kunnen counteren. Ook geen mannen aan de paal: ik vind dit verloren krachten en laat ze dan ook liever een zone dekken in het doelgebied.”

De derde en laatste instelling werd gemaakt door zeMastear. Ook zijn manier van corners verdedigen bleek uiterst effectief. Hij kwam met de nu volgende uitleg bij zijn ingestuurde instelling: “Twee mannen bij de palen, vijf in het strafschopgebied, één op de rand van het strafschopgebied en één speler blijft voorin.

Laat ik beginnen met de mannen bij de palen. Dit hoeven niet de beste koppers of de langste spelers te zijn. Het is natuurlijk mooi meegenomen als ze dat hebben, maar mijn focus bij deze spelers ligt op twee andere eigenschappen: anticiperen en felheid. De man bij de eerste paal moet goed kunnen anticiperen, de man bij de tweede paal moet het hebben van zijn felheid.

Dit heeft te maken met het volgende: als de bal vanuit de corner inkomt, zal hij uiteraard eerder bij de eerste paal aankomen dan bij de tweede paal. Mijn speler bij de eerste paal moet dus goed en snel kunnen lezen waar de bal terecht gaat komen (anticiperen), zodat als die bij de eerst paal wordt ingekopt of -geschoten, hij op tijd kan reageren om de bal uit het doel proberen te werken.

Een corner richting de tweede paal zal langer onderweg zijn. Bovendien zal de bal waarschijnlijk ook meer in een dalende lijn zijn en daarmee minder snelheid hebben dan een bal naar de eerste paal. Anticiperen is dan geen kunst meer, iedereen ziet al wel waar die bal heengaat. In zo’n situatie gaat het erom dat als je een duel aan kunt gaan en die kunt winnen. Als de bal bijvoorbeeld doorschiet, moet je als man bij de tweede paal niet altijd alleen blijven staan, maar ook kunnen uitstappen en de ontvanger van de bal meteen onder druk zetten of een duel met hem aangaan, zodat hij niet tot een schot op kopbal kan komen.

Dan door naar de man die moet zorgen voor zonedekking in het doelgebied bij de eerste paal. Deze moet, zoals de man bij de eerste paal, goed kunnen anticiperen, maar daarnaast moet hij ook goed kunnen koppen. Dit met de gedachte in het achterhoofd: als je de bal weg kan halen voordat die überhaupt in het strafschopgebied komt, graag! Omdat deze speler de bal weg moet halen voordat de tegenstander er ook maar iets mee kan doen, hoeft hij niet te kunnen mandekken of tackelen, hij hoeft immers geen duel of iets dergelijks aan te gaan.

De vijf mannen in het strafschopgebied spreken mijns inziens voor zich. Het moeten lange mannen zijn die goed kunnen koppen. De twee langste van de vijf krijgen de opdracht om een lange speler van de tegenpartij te dekken. De andere drie krijgen mandekking als opdracht. Geen zonedekking dus, maar iedereen pakt gewoon zijn man en zorgt ervoor die niet aan koppen toekomt. Bewust kies ik hier ook niet voor naar achteren gaan, want de ervaring leert mij dat deze spelers letterlijk alleen naar achteren gaan en verder niets doen.

Blijven er twee spelers over die zich niet bezig hoeven te houden met het echte verdedigen van de corner. Op de rand van de zestien heb ik een van deze twee gepositioneerd. Zijn taak is om weggewerkte ballen op te pikken en te kijken naar mogelijkheden om een counter in te leiden. Daarom verwacht ik van een speler op die positie een goede eigenschap voor passing. Het is ook meegenomen als hij kan dribbelen, maar daar kijk ik niet specifiek naar. De aanwezigheid van een speler op de rand van de zestien helpt ook bij het verdedigen van de corner, aangezien hij door zijn aanwezigheid kan voorkomen dat spelers van de tegenstander op de rand van de zestien een vrije schietkans hebben.

De laatst overgebleven man is de man die voorin blijft. Hij moet in staat zijn om de ballen op te vangen om zo de counter voort te zetten. Deze man moet snel zijn, goed kunnen dribbelen en goed kunnen afwerken, mocht het zover komen dat we er daadwerkelijk in slagen om vanuit de counter tot een scoringskans te komen. In het geval van een lange bal om de counter in te luiden zou je hier ook een (kop)sterke speler willen hebben die niet wordt afgetroefd, waardoor de counter in de kiem wordt gesmoord, maar snelheid blijf prioriteit nummer één.”

Wil jij een van de bovenstaande varianten ook proberen in je game of wil je verder discussiëren over dit onderwerp? Dan verwijs ik je graag naar dit topic op ons forum voor de discussie en naar deze link voor de download van de tactieken. En blijf MU Master Tactician hier verder volgen, want de tweede opdracht is inmiddels al weer uitgeschreven!

Posted: 10 januari 2016 om 16:11   /   by   /   comments (0)

Comments (0)

write a comment

Comment
Name E-mail Website